|
|
Trouw 23-01-2008
|
|
Wethouders van buiten de raad
|
| Tot 2002 was het in Nederland wettelijk niet
toegestaan om wethouders te benoemen die geen raadslid waren. Als je de pech
had dat je als partij met raadsleden in de gemeenteraad zat die geen
wethouder wilden worden, dan had je een probleem. Of je koos iemand die
toevallig voorhanden was maar niet de |
gevraagde kwaliteit had. Want je moest
toch wat.
Sinds 2002 is het wel mogelijk om
wethouders van buiten de raad te kiezen. Landelijk zien we dat steeds meer
partijen daar gebruik van maken want dat heeft heel wat voordelen. Nu kun je
gewoon naar de beste kandidaat zoeken. Dat is ook logisch als we zien dat
het aantal leden van de landelijke partijen elk jaar afkalft.
Zie het overzicht in de afbeelding rechts
uit het Dagblad van het Noorden van 17-01-2008 >
Steeds minder mensen zijn nog lid van een politieke partij. Dus heb je ook
steeds minder de mogelijkheid om goede vertegenwoordigers te selecteren.
Vandaar dat steeds meer gemeenteraden wethouders van buiten als dagelijkse
bestuurders kiezen.
|
|
 |
Hieronder het
artikel uit Trouw van 23-01-2008
De nieuwste trend: wethouders van buiten de gemeente
Wethouders zijn steeds vaker professionele krachten van buiten de gemeente.
Partijen hebben er zelfs interne vacaturebanken voor. "Ik heb veel energie
gestoken in het leren kennen van de stad."
Als de gemeenteraad instemt met de voordracht, geeft de Limburgse
interim-burgemeester van de Zeeuwse stad Vlissingen binnenkort leiding aan
een bont kwartet wethouders. Eentje woont nu in Amsterdam, een ander in
Zeeuws-Vlaanderen, een derde op Schouwen-Duiveland. De laatste is pas sinds
een paar maanden uit Weert naar Vlissingen verhuisd.
Toegegeven, het is een extreem voorbeeld: in Vlissingen moest het vorige
college gedwongen aftreden, en nu is er behoefte aan externe puinruimers.
Maar ook elders zijn de 'wethouders van buiten' in opkomst. Sinds het
gemeentebestuur in 2002 'gedualiseerd' werd, zitten wethouders niet meer in
de raad. En kunnen mensen dus ook buiten hun eigen gemeente carrière maken
als 'professioneel wethouder'.
Tymon de Weeger (ChristenUnie) is er zo één. Hij was wethouder in Enschede,
tot zijn partij daar in 2006 buiten het college viel. Maar in Utrecht had de
ChristenUnie toen juist een wethouder nodig. Daar belandde hij via een
interne databank voor wethouders van zijn partij. "Daarna heb ik wel netjes
de procedure hier in Utrecht doorlopen, hoor."
Bijna alle partijen hebben tegenwoordig zo'n 'wethouderspool'. De PvdA heeft
nu bijvoorbeeld 160 potentiële bestuurders in dat bestand zitten. Alleen al
in 2007 werden er 25 mensen succesvol bemiddeld. "Behoorlijk veel, als je
bedenkt dat de PvdA in totaal 440 wethouders heeft", zegt Jos Kuijs, die de
databank beheert.
De wethouder van buiten is een trend, bevestigt de Groningse hoogleraar
bestuurskunde Michiel Herweijer. "Veel wethouders worden door hun raad
weggestuurd. Die kosten wachtgeld, en dan bestaat er toch vaak milde druk om
aan de slag te gaan. Dan ligt het vaak voor de hand om elders wéér wethouder
te worden."
Maar er zijn ook positieve redenen, volgens Herweijer. "In veel gemeenten is
de politieke cultuur toch al platgeslagen, er is weinig politiek
verenigingsleven. Dan moet je de feedback vanuit de samenleving zelf
organiseren, met inspraakrondes en zo." Iemand van buiten hoeft daar
helemaal niet slechter in te zijn dan een lokale kandidaat. "En behalve met
de samenleving heb je als wethouder ook te maken met een ambtelijk apparaat.
Een professional van buiten, die al wat bestuurlijke ervaring heeft, kan
daar soms beter mee omgaan."
De Weeger heeft nog geen negatieve reacties op zijn 'transfer' naar Utrecht
gehad. "Ik heb gelijk heel veel energie gestoken in het leren kennen van de
stad en de mensen." |
|